Het Verloren Verhaal · Verborgen Verhaal

Waarom noemden Nederlanders hun eigen koning een tiran?

Seizoen 1 · #2 · 1566 - 1581

0/5 · 0 stemmen

Centrale vraag

Waarom werd Filips II door opstandelingen als tiran gezien?

Filips II was voor veel inwoners van de Nederlanden aanvankelijk hun wettige vorst. Toch werd hij tijdens de Opstand steeds vaker als tiran voorgesteld. Deze aflevering legt uit hoe geloofsvervolging, centralisatie, geweld en het schenden van oude rechten de politieke taal van de Opstand veranderden - en waarom die redenering in 1581 in het Plakkaat van Verlatinghe werd vastgelegd.

Verborgen Verhaal

Bekijk het Verborgen Verhaal

1566 - 1581

Historische context

In de zestiende eeuw was een koning niet alleen heerser, maar ook gebonden aan plichten tegenover zijn onderdanen en gewesten. Het woord tiran verwees naar een vorst die zijn macht misbruikte en deze verplichtingen schond. In de Nederlanden groeide de kritiek op Filips II door religieuze spanningen, de centralisering van het bestuur, vervolging en de komst van Alva in 1567. De bevolking vormde daarbij geen eensgezind blok. Katholieken en protestanten, koningsgezinden en opstandelingen, stedelijke bestuurders en edelen konden verschillende belangen hebben. De strijd was daarom tegelijk een conflict over geloof, bestuur en privileges, een burgeroorlog en een machtsstrijd binnen de Habsburgse Nederlanden. De tegenstanders van Filips II zochten naar taal om hun verzet politiek te rechtvaardigen. In het Plakkaat van Verlatinghe van 26 juli 1581 stelden de Staten-Generaal dat een vorst was aangesteld om zijn onderdanen te beschermen en niet om hen als slaven te behandelen. De tekst somde de wandaden van Filips II en zijn vertegenwoordigers op en verklaarde dat hij zijn aanspraken had verspeeld. Tiran was daarmee een historische politieke kwalificatie en geen moderne juridische term of opvatting die door iedereen werd gedeeld.